Toerisme in Spanje, ja natuurlijk!
Bier in Spanje


  1. Algemeen
  2. Hispanië: 'Caelia' en 'Cerea'
  3. Bier tijdens de Middeleeuwen
  4. Bier aan het hof van de Habsburgers en de Bourbons
  5. De negentiende eeuw
  6. De industriële productie 
  7. De twintigste eeuw
  8. Industriële evolutie van bier9. 
  9. Er zijn nieuwe bierbrouwers en bierimporteurs
  10. De toegenomen vraag en de teruggang
  11. Vandaagl
  12. Het bierverbruik in Spanje
  13. De Spaanse bieren
  14. Spaanse bierfeesten
1. Algemeen

Het klinkt voor ons raar in de oren dat in een wijnland zoals Spanje er ook bier gedronken wordt en dat bier hier zelfs populair is. De meeste van mijn Spaanse vrienden drinken trouwens bier met een dagschotel in een restaurant.

Wat komt een artikel over bier dan op een toeristische site doen hoor ik u vragen, wel het antwoord is simpel, er zijn hier in Spanje tal van bierfeesten die de moeite waard zijn. Men kan hier ook zijn kennis van het Spaanse bier verbeteren.

De geschiedenis van het bier in Spanje begint in de dorpen van het Iberisch schiereiland en het werd beschouwd als een gefermenteerde drank (gemaakt van granen) en het verbruik van deze drank was heel gewoon. Men noemde deze drank toen 'caelia'.

De daarop volgende Romeinse periode op het schiereiland bracht de “caelia' naar het tweede plan en de voorkeur ging toen uit naar gefermenteerde dranken maar dan op basis van druiven zoals de wijn.

Met het verstrijken van de eeuwen geraakt het bier in de vergetelheid en het is wachten tot in de zeventiende eeuw voordat wij terug een gebruik merken van de 'caelia'. Vanaf het midden van de negentiende eeuw, dankzij de industrialisering van Europa, werd het bier een populaire drank. Het bier moet dan wel de concurrentie aangaan met de dranken die toen ingeworteld waren in de Spaanse maatschappij zoals de wijn, sterke drank en likeur en dan voor anijslikeur.

Het gemak van de teelt van de wijnranken in het warme mediterrane klimaat en de mogelijkheid van een gemakkelijke bewaring van de wijn hadden als consequentie dat de productie van bier op een laag pitje stond en bleef.

Voorafgaand aan de negentiende eeuw waren er over Spanje verspreid geïsoleerde gevallen van brouwerijen. Maar het is wachten tot het midden van de twintigste eeuw dat er betere technologieën beschikbaar kwamen om een hogere productie te krijgen. Dit gebeurde ook onder de druk van het toen opkomend toerisme en bier werd een populaire drank in veel Spaanse bars.
 
Bier mag niet beschouwd worden als een vast gegeven met een uniek recept maar er bestaat een grote verscheidenheid aan bier. Het bier dat voornamelijk in Spanje geproduceerd wordt is het pilsbier en de reden hiervoor was dat tijdens het regime van Franco de prijs van het bier door het ministerie werd vastgelegd.

Die prijs was toen zo laag dat de brouwers niets anders konden doen dan het goedkope pilsbier te brouwen, bier van hoge gisting was met deze voorgeschreven prijszetting uitgesloten. Momenteel is deze reglementering al lang verleden tijd.

2. Hispanië: 'Caelia' en 'Cerea'

Het proces begint met de fermentatie van een graan, meestal gerst, en er bestaan illustraties uit het oude Egypte en Babylonië over het gebruik van bier. Dit bier droeg de naam zythum en het werd gemaakt van gerst. Vanuit de Egyptische havens werd de drank over het ganse  Middellandse Zeegebied verspreid. Het bier kwam door de Romeinen naar Europa maar zijzelf beschouwden het een drank van de barbaren en ten opzichte van de wijn was het een minderwaardige drank.

De benaming van het bier in Hispanië was zoals Plinius de Oude in zijn Naturalis Historia schreef, caelia. In zijn tekst schreef hij dat er drie soorten bier bestonden, de zythium, de caelia en de cerea maar hij beschreef niet wat de verschillen tussen die soorten waren. Het is mogelijk dat de caelia een gegiste drank was op basis van tarwe.

De schrijver en historicus Paulo Orosio beschrijft 'caelia' als een bedwelmende drank. De numantiërs dronken de caelia voor een gevecht en ze aten er half rauw vlees bij om hun vechtlust tegen de Romeinen op te wekken.

3. Bier tijdens de Middeleeuwen

Tijdens de Middeleeuwen is er op het Iberisch schiereiland een territoriale splitsing tussen het gebied met de christelijke koninkrijken in het noorden en het musulmaanse gebied in het zuiden. Er is ook een culinaire splitsing tussen beide gebieden en bier was in geen een van beide populair.



Tijdens de Romeinse overheersing was de populairste drank wijn. De Visigoten handhaafden deze gewoonte tot aan de periode van Al'Andalus. Het is mogelijk dat de monniken in de abdijen ook op het schiereiland bier brouwden. Dit abdijbier verliet de traditionele formule met wilde gagel en rozemarijn en zij gingen hop gebruiken.

4. Bier aan het hof van de Habsburgers en de Bourbons

In Spanje is het bier tijdens de periode van Karel I en Filips de Schone afkomstig uit de noordelijke Europese landen. Karel I kwam in 1517 toen hij zeventien jaar was naar Spanje en hij was vergezeld van een Vlaams hof met gewoontes uit het noorden van Europa.

Het meest populaire bier in deze periode was het lagerbier en het verbruik was uitsluitend voor de behoeften van het hof. Tussen 1643 en 1791 verleende men aan bepaalde groepen de vergunning om bier te brouwen, te verkopen en te leveren. Deze productie was laag, ambachtelijk en zij diende wellicht om aan de vraag van het Habsburgse hof te voldoen. Het bier werd bewaard in de kelders van het Koninklijk Alcazar van Madrid.

Keizer Karel I bleef ook na zijn troonsafstand bier drinken en hij liet zijn favoriete bier, Mechelschen Bruynen, naar zijn verblijfplaats, het klooster van Yuste, brengen.  Dat bier werd speciaal voor hem geïmporteerd uit Vlaanderen. Ook in 1610 werd er aan het hof in Valladolid bier gedronken maar men weet niet welk bier, vermoedelijk zal het Vlaams of Frans bier geweest zijn. In 1616 heeft er een Vlaamse brouwer een brief aan het hof gericht met een kostenberekening voor het brouwen van bier.

In de kapel van de apostel Jacobus in de kathedraal van León is er een uitgehouwen fries in steen met de afbeelding van een hop bloem. De kapel werd gebouwd in de vijftiende eeuw.

In een schelmenroman uit de zestiende eeuw wordt er ook verwezen naar het drinken van bier in de plaatselijke pensions en tavernes.

Tijdens deze periode viel de verkoop van bier onder de Estanco, een winkel die het monopolie heeft op de verkoop van alcohol, tabak en postzegels, en voor dit privilege hebben Tomás de Ugarte en Daniel Morán jaarlijks 1.000 dukaten betaald. In 1712 waren er daardoor elf verkooppunten op de markten in Madrid.

Koning Carlos III heeft in maart 1791 een decreet uitgevaardigd dat de toelating gaf voor de verkoop van bier uit nationale brouwerijen. Daardoor was er tijdens de achttiende eeuw een zeker verbruik van bier. Vanaf 1833 werd de markt voor het bier vrijgegeven voor bier van aangenomen brouwerijen. Tijdens de zeventiende eeuw werden er wel hoge nationale en stedelijke taksen op het bierverbruik geheven.

5. De negentiende eeuw

Tijdens de negentiende eeuw was het bierverbruik in de stedelijke gebieden geconcentreerd en het was uitsluitend de burgerij die bier dronk en dan vooral in de zomer. Dit is anders dan in de andere Europese landen waar het eerder de arbeidersklasse was die bier dronk.

Op het einde van de achttiende eeuw was het in het noorden van Europa moeilijk om een familie van boeren te vinden die niet zelf bier brouwde. Deze situatie was uitzonderlijk in Spanje.

De eerste plaatsen waar men bier op de traditioneel gebrouwen wijze schonk waren die van Felipe Costa en die van de weduwe Peter in Barcelona. De eerste brouwerijen gebruikten de technologie voor de productie van ijs. Deze ijsfabrieken hielden het ijs in putten die in de winter gevuld werden met sneeuw. De technologie om ijs te maken bereikte in deze periode  zijn hoogtepunt waarop ook de bierindustrie in de rest van Europa populairder werd.

In de jaren 1870 begonnen de Engelse brouwerijen gebruik te maken van compressoren om koude te maken door middel van het Joule-Thomson effect. De kennis op het einde van de negentiende eeuw van de microbiologie ging verder en verder. In 1857 ontdekte Louis Pasteur de activiteit van gist in de fermentatie processen tijdens de productie van bier. Door deze ontdekking ontwikkeld hij iets dat een enorme invloed heeft op de bierproductie in de ganse wereld, de pasteurisatie. Dit is een methode die de levensduur van een product kan verlengen en het werd het eerst gebruikt voor bier en wijn. In 1833 kunnen Jean-François Persoz en Anselme Payen amylasa isoleren uit de mout.

De eerste brouwerijen in Spanje waren gevestigd in de buurt van havens zoals in Santander (1783) en Barcelona (1864). De noodzaak om broodnodige producten zoals hop te importeren maakte dit noodzakelijk. Bier dat industrieel gebrouwen werd kwam op een markt waar de bevolking niet gewoon was om bier te drinken en in het begin was dit geen groot succes.
De toenmalige drinkers van bier waren in die tijd vooral inwoners van grote steden en het is vooral de burgerij die bier dronk in de zomer.

6. De industriële productie

Tijdens de regeerperiode van Amadeo van Saboya kwamen de eerste brouwerijen over het ganse Spaanse grondgebied en elke brouwerij gebruikte de nieuwe technologieën.

In 1856 werd wat algemeen beschouwd werd als de eerste Spaanse industriële brouwerij opgericht. De stichter was de Elzasser Louis Moritz Trautmann en de brouwerij kwam in Barcelona. De productie van Moritz gaat gestadig omhoog en in 1864 bouwde men een nieuwe grote brouwerij in de wijk Ensanche.

Ondertussen kwam een andere Elzasser, August Kuentzmann Damm in 1871 naar Barcelona en hij ging direct op zoek naar een aantal investeerders. In 1897 werd dan de Damm y Compañía opgericht.

Andere brouwerijen in Catalonië in die periode waren Cammany die gesticht werd in 1899 en La Bohemia die gesticht werd in 1902. In 1893 stichtten Suardiaz en Bachmaier in Gijón de brouwerij “La Estrella de Gijón”. Dit bier won in 1898 de gouden medaille op de tentoonstelling van Gijón.

Diezelfde situatie deed zich voor in Madrid. De Elzasser uit Lorraine, Casimiro Mahou Bierhans verbleef in Madrid en richtte daar het bedrijf “Cerveza y Fábrica de Hielos” in 1890 op. Andere brouwerijen kwam er in de nabijheid van de havens en zo werd in 1886 de brouwerij “Cruz Blanca” in Santander opgericht. Voor 1901 waren er in Santander vier brouwerijen die hun producten ook naar Amerika exporteerden. De familie Kutz had zijn eerste brouwerij in 1888 in San Sebastián.

In de Spaanse koloniën werden ook brouwerijen opgericht en op de Filipijnen werd in 1890 door de zakenman Enrique María Barreto de Ycaza een brouwerij in de wijk San Miguel van Manilla opgericht. De wijk gaf haar naam aan de nieuwe brouwerij.

De zakenman uit Pamplona, Luis Ros richtte in 1900 de brouwerij La Cruz Azul op. Een groep van burgers begon in 1900 met de brouwerij La Zaragozana en het geld dat hiervoor nodig was kwam van hun activiteiten in de suikerhandel.

In hetzelfde jaar begon Augusto Comas y Blanco in Madrid met de brouwerij "El Águila" en dat was de belangrijkste brouwerij tijdens de eerste decades van de twintigste eeuw. In Madrid waren er in het het begin van de twintigste eeuw vier brouwerijen: El Águila, Mahou, Santa Bárbara en La Princesa.


El Aguila

7. De twintigste eeuw

Tijdens de negentiende eeuw zijn de meester brouwers de modernste technieken gaan toepassen en kon de productie van bier met reuzenschreden vooruit gaan. Een ander belangrijk element in de twintigste eeuw was de productie van bieren met een lage gisting.

Men gaf de klanten toen de keuze tussen gepasteuriseerd of niet gepasteuriseerd bier. In 1982 was de consumptie van bier gelijk aan die van wijn geworden. Sinds de jaren 1970 was er een teruggang in de consumptie van wijn ten gunste van bier.

8. Industriële evolutie van bier

In 1908 waren er in Madrid vier brouwerijen: El Águila, El Laurel de Baco, Hijos de Casimiro Mahou en Santa Bárbara. In Galicië richtten de kinderen van Rivera de brouwerij Estrella Galicia op en in 1906 was het José Rivera Corral, een immigrant die uit Mexico terugkeerde, die in La Coruña met de brouwerij “La Estrella de Galicia” begon. Het was een bedrijf dat bier en ijs produceerde.

Als gevolg van de fusie in 1917 tussen La Cruz Blanca en La Austríaca de Cervezas kwam er een nieuwe maatschappij met de naam Cervezas de Santander, SA. Er waren twee brouwerijen in Santander en een in Valladolid.

In 1924 begon de zakenman Cástor Gómez Navarro met een brouwerij in Las Palmas op de Canarische Eilanden en de brouwerij kreeg de naam, La Tropical. Door de Spaanse burgeroorlog ging de brouwerij failliet en ze werd overgenomen door een groep zakenlieden die met een nieuwe maatschappij begonnen, Sociedad Industrial Canaria: SICAL.

In Andalusië was er in 1925 een brouwerij met de naam Alhambra en in 1928 begon de zakenman Luis Franquelo Carrasco in Malaga de brouwerij Cervezas Victoria. Deze brouwerij nam een groot gedeelte van de markt in het zuiden van Spanje voor haar rekening. Zij moest deze markt delen met de de brouwerij La Cruz del Campo (CruzCampo) uit Sevilla die in 1904 gesticht was door de familie Osborne, exporteurs van wijn.



Tijdens de Spaanse burgeroorlog werden veel brouwerijen opgevorderd en ze veranderden van eigenaar. De slechtste periode voor de productie van bier kwam er na het beëindigen van de vijandelijkheden. Het nieuwe regime droeg de bierindustrie geen goed hart toe. De basisingrediënten zoals gerst en hop waren soms moeilijk of soms helemaal niet te verkrijgen.

Een aantal brouwerijen zoals África Star die gesticht werd in Ceuta in 1953 door de maatschappij "Hijos de Joseph Damm" werd in zijn mogelijkheden beperkt door de onafhankelijkheid van Marokko in 1956. Het bedrijf stopte de productie in 1992.

Een ander voorbeeld is de brouwerij Cervezas El Alcázar die in 1921 in Jaén werd gesticht door de familie Puga. Dit bedrijf zette zijn activiteit ononderbroken voort van 1928 tot in 1985 toen het overgenomen werd door Cruzcampo.

9. Er zijn nieuwe bierbrouwers en bierimporteurs

De steeds groter wordende vraag naar bier in Spanje tijdens de laatste tientallen jaren van de twintigste eeuw trok de grote multinationals aan. Tevens werden er nieuwe vormen van verfrissing populair zoals de “claras”, een mengeling van bier en frisdrank.

In 1957 tekende men het “Akkoord van Manila" met de voorzitter van de San Miguel Corporation, Andrés Soriano en zag het bedrijf "San Miguel, Fábricas de Cerveza y Malta, S.A." het levenslicht. Verder komen er nieuwe bieren op de markt zoals het bier zonder alcohol. Op het einde van de twintigste eeuw is 7% van het bierverbruik in Spanje bier zonder alohol. De eerste brouwerij die in 1976 dit bier op de markt brengt is Cruzcampo.

In Barcelona was tijdens de jaren zestig de Xibeca (fles van 1 liter) zeer populair. In 1985 kwam Spanje bij de Europese Gemeenschap maar geen enkele grote Spaanse bierbrouwer slaagde er in om een belangrijke speler op de Europese markt te worden.

In 1975 begon Carlsberg met de uitvoer van zijn bier naar Spanje. De bieren van Carlsberg worden aan het begin van de eenentwintigste eeuw in Spanje verdeeld door de tweede grootste brouwerij van Spanje: Mahou-San Miguel.

Op het einde van de twintigste eeuw hebben multinationale brouwerijen een stevige vinger in de pap in de Spaanse biermarkt. Zij hebben het grootste deel van het kapitaal in handen van Cruzcampo, (Guiness), El Águila (Heineken) en San Miguel (BSN-Danone). Enkel in de brouwerijen Damm en Mahou is de meerderheid van de aandelen nog in Spaanse handen.

In de eenentwintigste eeuw komen er brouwerijen zoals Sagra, zij brouwen in Toledo het Numancia de la Sagra.



Op het einde van de twintigste eeuw verlaten de Spaanse brouwerijen hun perifere markten in Afrika en Zuid-Amerika om zich volledig te concentreren op de Spaanse thuismarkt.

10. De toegenomen vraag en de teruggang

Na een aantal moeilijke jaren tijdens de Franco periode kwam er langzaam een verandering in de Spaanse maatschappij. Smaken en gewoontes veranderden langzaam aan en tradities werden verlaten. Onder de druk van het toerisme werd in de jaren 1970 bier populairder. Door de betere technologieën in de productie en de distributie kwam bier beschikbaar in het ganse land.

De vraag naar bier groeide het sterkst tussen de jaren 70 en 90 van de vorige eeuw maar vanaf dat moment begint er een daling van de vraag. In 1996 produceert men in Spanje 5% minder dan in 1995 en de invoer kent eenzelfde teruggang. De globale tendens is dat de consumenten dranken verkiezen met een lager alcoholgehalte en met minder calorieën. Het drinken van bier in Spanje is voor een groot gedeelte nog altijd seizoensgebonden, de consumptie is het grootst tijdens de zomer en dat is anders dan in de traditionele bierlanden.

11. Vandaagl

Aan het begin van de eenentwintigste eeuw is een van de grootste consumenten per hoofd de Tsjechische Republiek. In 2000 dronken zij 71,8 liter per inwoner maar vergeleken met de Duitsers is dat niets, de Duitsers drinken 128 liter per hoofd. Op de Spaanse markt komen er stilletjes aan andere biersoorten maar het populairste bier is nog altijd pils bier.

Nu verschijnt er een nieuw concept op de Spaanse markt, de microbrouwerij en de brouwerijcafés. Dit zijn brouwerijen die op traditionele wijze bier brouwen en daardoor krijgt men een groter aanbod van smaken en geuren van het bier.

12. Het bierverbruik in Spanje

Elke Spanjaard verbruikte in 2009 48,3 liter bier en dat is een daling met 4,7% ten opzichte van 2009. Deze daling komt voornamelijk door de daling met 5,9% in de horeca. Deze cijfers komen van de "Informe Socieconómico del sector de la cerveza en España", een document van de Spaanse Brouwers (Cerveceros de España).

66% van het totale verbruik van bier gebeurt in de horeca en deze daling in het verbruik is de eerste sinds 2006 en komt volledig voor rekening van de economische recessie. Ook het verbruik in de eigen woning is voor de eerste maal in de geschiedenis gedaald met 1,9 %.

De bierindustrie in Spanje heeft in 2010 een omzet gehad van 3.126 miljoen euro. Hiermee staat Spanje op de vierde plaats in Europa na Duitsland, Groot-Brittannië en Polen. Momenteel zijn er 225.000 arbeidsplaatsen in de Spaanse bierindustrie.

In 2010 heeft Spanje bier uitgevoerd naar meer dan 70 landen waaronder Italië, Groot-Brittannië, en Portugal.

Wat de grondstoffen betreft verbruiken de Spaanse brouwerijen praktisch de ganse Spaanse productie van mout. De zeven mouterijen hebben zo een omzet van 141 miljoen euro. In het geval van de hop staat Spanje in Europa op de zesde plaats van de hop productie.

In 2010 is er 32,5 miljoen hectoliter verkocht.

Dat de achteruitgang van de bierverkoop niet groter was is te danken aan de Wereldbeker Voetbal en de lichte stijging van het toerisme in dat jaar.

De productie en de consumptie van bier zonder alcohol is in Spanje hoger dan in de rest van de Europese Unie en dat zou te wijten zijn aan de hoge kwaliteit van dit bier, de verkoopcijfers gaan rond de 10%.

13. De Spaanse bieren

Om het alles overzichtelijker te maken wordt aan deze rubriek een blog gekoppeld om de gegevens gemakkelijker beschikbaar te stellen.

Hierna volgt een verwijzing naar de blog met een voorstelling van de Spaanse bieren: Spaanse bieren.

14. Spaanse bierfeesten


Hier komt een agenda te staan van alle bierfeesten die er in Spanje zijn zodat u ze tijdens uw verblijf kan bezoeken.  Meer uitleg over het bierfeest kan je vinden op Spaanse Bieren.