Toerisme in Spanje, ja natuurlijk!

De zang van de Sibille


  1. Geschiedenis
  2. De tekst van de “Siblia” 
  3. Opvoering

1. Geschiedenis


De zang van de Sibille of in het Catalaans (el Cant de la Sibil·la) is een liturgisch drama dat in het gregoriaans gezongen wordt. Dat wordt traditioneel uitgevoerd tijdens de Misa de Gallo (middernachtmis op Kerstavond) in de kerken van Mallorca waaronder de Abdij van Lluc, de kathedraal van Palma en in Alguer, Cerdeña.

Mallorca en Alguer zijn de twee enige plaatsen waar de zang nog wordt uitgevoerd sedert de late middeleeuwen. Op 16 november 2010 werd de zang opgenomen op de lijst van het inmaterieel erfgoed van de Unesco. 

De Sibille is een profetie over het einde van de wereld en zij is afkomstig uit de klassieke mythologie. Zij werd in het christendom binnengebracht door de overeenkomst met het bijbels verhaal van het einde van de wereld. 

Het oudste getuigenis van de christelijke Sibille die ten tijde van het Karolingische rijk in een klooster gezongen werd vinden we in een Latijns manuscript van het klooster van San Marcial in Limoges,(Frankrijk. In Spanje is het oudste document afkomstig uit 960 van de Visigoten uit de moskee-kathedraal van Córdoba en dat is afkomstig uit de mozarabische liturgie.

Uit de elfde eeuw stamt het manuscript van Ripoll dat geschreven is in het latijn. Het komt dus uit de liturgische Spaanse cultuur die gebruikt werd onder de bevolking van het huidige Catalonië. 

De Zang van de Sibila is deel van de culturele christelijke traditie die als centrale thema de Dag des Oordeels heeft wat neerkomt op het verschil tussen goed en slecht. 

De eerste stap in het proces van de popularisering was het zingen in het latijn in de kathedralen. De gebeurde in de westelijke gebieden van het zuiden van Europa die momenteel Spanje, Italië, Frankrijk en Portugal vormen. Achteraf kwam deze zang naar Mallorca en de vroegste informatie die we hebben over Mallorca is een Latijnse tekst die de zang beschrijft in de kathedraal van Mallorca tussen 1360 en 1363. 

Andere stappen op de weg naar een grotere populariteit van de zang was de opname van de zang in de Metten van Kerstmis. In die tekst was de plaatselijke taal, het Mallorcaans in een aanvulling opgenomen en dit gebeurde in het tweede deel van de vijftiende eeuw. Dit vergrootte de dramatiek van de zang die in het latijn kan gezongen worden door priesters of in het oude Mallorcaans door een kind. 

Een van de unieke versies is de uitvoering in het oude Catalaans dat bewaard bleef op Mallorca.

Echter, op Mallorca schreef in 1511 een geestelijke van de kathedraal van Palma, Joan Font, een integrale versie in het Mallorcaans. De andere oudere versie met tekst en muziek in het Catalaans is nu bewaard in het archief van de kathedraal van Barcelona. 

Doorheen de jaren lijkt het er op dat de aard van de muziek (taal) zich niet kon verheugen in een verdere populariteit in de geloofsgemeenschappen van Frankrijk, Portugal, Italië en in de rest van Spanje.

Op Mallorca werd het verbod op het zingen van de “Canto de la Sibila” dat in voege kwam met het Concilie van Trente” terug opgevoerd in 1572. Dat gebeurde na het vertrek van de toenmalige bisschop Diego de Arnedodie die het eiland verliet om er nooit meer terug te komen.

Zijn opvolger Joan Vich i Manrique die op het eiland aankwam in 1573 was afkomstig van Valencia en hij was toegeeflijker aan de gebruiken en de gewoontes van de inwoners van Mallorca.  Hij liet een groep kanunniken van het eiland in 1575  tijdens de nachten tussen de Metten van Kerstmis een aantal liederen zingen en zo kwam de “Canto de la Sibila” terug in de kathedraal van Mallorca. 

Een andere belangrijke periode brak aan in 1666 toen de buitenlandse bisschop Pedro Fernando Manjarrés y Heredia aan de macht kwam op Mallorca. Hij liet de interpretatie van de “Canto de la Sibila” of van andere liederen zonder een voorafgaande toestemming van hem niet meer toe in zijn kerken. De straf die hij gaf indien men toch zonder toelating zou zingen was de excommunicatie.

Zijn opvolger, Bernat Lluís Cotoner schafte deze regels in 1671 terug af.

De “Canto de la Sibila” dat momenteel op Mallorca gezongen wordt volgt de tekst uit een boek van de broederschappen uit 1600 en deze tekst werd in 1901 gepubliceerd door Estanislao Aguiló.

Dit is een van de oudste teksten, zo niet de oudste en hier wordt de figuur van de Antichrist nog opgevoerd in de “Canto de la Sibila”.

De laatste opmerkelijke evolutie is er op het gebied van het geslacht van de aanwezige personen. Deze evolutie is een gevolg van het Tweede Vaticaans Concilie uit 1965. Dit liet de aanwezigheid toe van vrouwen en kinderen als deelnemers van religieuze gezangen.

Ten laatste kunnen we nog zeggen dat de laatste tijd men probeert op de “Canto la Sibila” terug op andere plaatsen dan Mallorca op te voeren en dat is in de Kathedraal van Barcelona en in een aantal plaatsen in de Autonome Regio Valencia. Hier zijn dat de plaatsen Jaraco, Gandía enOnteniente, hier zingt men wel vanaf 2000 in het latijn. 

2. De tekst van de “Siblia”

Het lied start met een begin waarvan de melodie anders is dan de rest van het lied. In sommige optredens zingt men het begin nogmaals aan het einde van het lied. 

De tekst die hier vermeld is, is de tekst die gebruikt wordt op Mallorca. Deze tekst is niet standaard maar hij is het Middeleeuwse Catalaans. Sommige versies worden toegeschreven aan de veertiende eeuwse Mallorcaanse schrijver Anselm Turmeda die de Judicii Signum (Boek van het Laatste Oordeel) in het Catalaans vertaalde.

De tekst is als volgt:

Al jorn del judici parrà qui avrà fet servici.

Jesucrist, Rei universal, home i ver Déu eternal, del cel vindrà per a jutjar i a cada u lo just darà.

Gran foc del cel davallarà; mars, fonts i rius, tot cremarà. Daran los peixos horribles crits perdent los seus naturals delits.

Ans del Judici l'Anticrist vindrà i a tot lo món turment darà, i se farà com Déu servir,
i qui no el crega farà morir.

Lo seu regnat serà molt breu; en aquell temps sots poder seu moriran màrtirs tots a un lloc aquells dos sants, Elies i Enoc.

Lo sol perdrà sa claredat mostrant-se fosc i entelat, la lluna no darà claror i tot lo món serà tristor.

Als mals dirà molt agrament: —Anau, maleits, en el turment! anau-vos-ne en el foc etern amb vòstron príncep de l'infern!

Als bons dirà: —Fills meus, veniu! benaventurats posseïu el regne que us he aparellat des que lo món va esser creat!

Oh humil Verge! Vós qui heu parit Jesús Infant aquesta nit, a vòstron Fill vullau pregar que de l'infern vulla'ns lliurar!

3. Opvoering

Origineel werd het lied door een priester gezongen alhoewel hij later vervangen werd door een jongen. Alhoewel dit lied in feite zou moeten gezongen worden door een vrouw (Sibille) is dit vroeger nooit mogelijk geweest omdat vrouwen niet in de kerk mochten zingen. 

Vandaag de dag, in de meeste kerken waar dit lied wordt gezongen is het een jongen maar op enkele plaatsen is het een meisje of een vrouw. 

Tijdens de opvoering gaat de zanger(es) naar het altaar en wordt daarbij vergezeld door twee misdienaars die kaarsen dragen. Eenmaal daar groet de zanger(es) het kruisbeeld, draait zich om en begint de zingen. Het lied wordt met één stem a cappella gezongen maar in sommige kerken gebruikt men het orgel of een koor tussen de ene en de volgende strofe.

De kledij die tijdens het optreden gebruikt wordt is in bijna alle kerken, zeker in die rond Mallorca, identiek. Het bestaat uit een witte of gekleurde tuniek die soms wat overdadig is rond de nek en rond de zoom. Er is dan meestal een cape of een twee tuniek. 

Het hoofd is bedekt met een hoofddeksel in dezelfde kleur. De zanger heeft een zwaard in de hand dat tijdens het ganse lied omhoog wordt gehouden.

Zodra het lied beëindigd is tekent de zanger met het zwaard een kruis in de lucht, draait zich om naar het kruisbeeld, buigt en hij gaat achteruit, weg van het altaar geëscorteerd door de misdienaars.

Omdat een filmpje meer zegt een hoop woorden kan men hierna een Youtube bekijken van een opvoering.