Toerisme in Spanje, ja natuurlijk!

De Romeinse stadsmuur van Lugo


  1. Algemeen
  2. De bouw 
  3. Beschrijving
  4. Afmetingen
  5. Het ontwerp
  6. Materialen
  7. De torens
  8. De poorten
  9. De trappen
  10. Defensieve structuur
  11. Geschiedenis
  12. Het bolwerk van Cristina
  13. Website

1. Algemeen

De Romeinse stadsmuur van Lugo omsluit de historische stad van Lugo in de autonome regio Galicië.

De oude Romeinse stad Lucus Augusti werd in naam van keizer Augustus opgericht door Paulo Fabio Mázimo in het jaar 13 voor Christus met de bedoeling de annexatie van het noord oosten van het Iberisch schiereiland in het Romeinse rijk veilig te stellen.

Daarom werd deze stad omringd met een grote muur die tot vandaag de dag nog altijd overeind staat en geen al te grote veranderingen heeft ondergaan.

De stadsmuur, met een lengte van meer dan 2 km sluit de oude stadskern af van de grote stad en was dus een obstakel voor zijn ontwikkeling. Het is nu een monument dat deel uitmaakt van de stad en de muur maakt deel uit een toeristische rijkdom.

2. De bouw

Gebouwd als een scheidings- en verdedigingsmuur heeft de muur zich veranderd naar een geïntegreerd deel van de stad. De 10 poorten in de muur hebben een functie in het verenigen van een deel van de stad met een ander deel .

De muur van Lugo maakt deel uit van het werelderfgoed van de UNESCO sinds 2000 en de muur is sinds 6 oktober 2007 verzusterd met de Grote Chinese Muur in Qinhuangdao.

3. Beschrijving

De stadsmuur van het oude Lucus Augusti is de best bewaarde Romeinse stadsmuur op het Iberische schiereiland. De wijzigingen die de muur ondergaan heeft in de 17 eeuwen van zijn bestaan heeft geen wezenlijke veranderingen aangebracht aan zijn origineel uiterlijk die de Romeinse ingenieur Vitrubio heeft ontworpen.

4. Afmetingen

Het defensieve geheel heeft een lengte van meer dan 2 km, om juist te zijn is het 2.117 meter. Hij bevat een totale oppervlakte van 34,4 ha. De breedte van de muur is 4,2 meter maar bereikt hier en daar een breedte van 7 meter.

De muur heeft een reeks verdedigingstorens.  Gelet op de afstand tussen de torens, zouden er 85 of 86 torens kunnen geweest zijn, 46 van deze torens zijn zeer goed bewaard gebleven en de andere 39 zijn min of meer bewaard gebleven.

De torens hebben een afmeting van 5,35 tot 12,80 meter. Een van de torens heeft ramen van 1,15 meter breedte en van 1,43 meter hoogte.

5. Het ontwerp

Het ontwerp van de defensieve constructie is nog altijd gehuld in een mysterie, een van de belangrijkste vragen is bijvoorbeeld waarom er belangrijke bewoonde kernen buiten de muur blijven  en beschermd de muur wel onbewoond gebied.

6. Materialen

De materialen waaruit de muur gebouwd is zijn voornamelijk graniet aan de poorten en de versterkingswerken van de torens en van leisteen die vooral gebruikt is aan de buitenkant van de muur. De binnenkant is gevuld met mortel samengesteld uit aarde, stenen en grind, dit alles gecementeerd met water. Al deze materialen zijn overvloedig aanwezig in de streek.

7. De torens

Van de 85 of 86 oorspronkelijke torens zijn er 71 overgebleven en daarvan zijn er 60 met een ronde vorm en 11 met een rechthoekige vorm. Torens met 2 verdiepingen hebben ramen, zoals men kan zien aan de toren met de naam A Mosqueira. 

De opstelling van de torens vermijd het bestaan van dode hoeken. De muur tussen 2 torens heeft een lengte van 6,30 tot 13,59 meter.

De overblijfselen van de toren met de naam “A Mosqueira” doen vermoeden dat deze torens oorspronkelijk een hogere structuur van 2 verdiepingen hadden. Deze verdiepingen hadden grote ramen waar men zich met defensieve wapens kon verdedigen.

8. De poorten

De muur beschikt over 5 toegangspoorten welke corresponderen met de belangrijkste wegen in het stedelijk ontwerp. Tussen 1853 en 1921 heeft men 5 andere poorten geopend. Dit gebeurde voor de noodzakelijke uitbreiding van de stad, van de 10 bestaande poorten zijn er 6 geschikt voor voetgangers en 4 zijn er voor het rijdend verkeer.

In de Romeinse tijd waren er 5 poorten welke overeenkomen met de huidige poorten, de Porta Miñá, Porta Falsa, Porta de San Pedro, Porta Nova en Porta de Santiago.  Van deze poorten zijn de Porta Miña en mogelijk ook Porta Falsa van originele makelij, de 3 andere zijn later verbouwd.

De poorten die in dienst kwamen vanaf 1853 zijn: Porta de San Fernando (1853), Porta la Estación (1875), Porta Obispo Izquierdo (1888), Porta Obispo Aguirre (1894) y Porta Obispo Odoario (1921).

 Puerta San Pedro

De muur diende niet enkel voor defensieve doeleinden, hij bakende het grondgebied van de stad af en daardoor kon men ook belastingen innen voor de stad. Men inde hier de belastingen en men had tevens een controle op alle personen die de stad binnen gingen en zij die de stad uit gingen.  De houten poorten lieten toe om ze te sluiten of om ze open te laten naargelang men wou. Vanaf 1877 verdwenen zij definitief.

  • Porta de Santiago: de oude poort kreeg haar naam omdat er een kleiner deurtje in een grotere poort was. Zij bestond reeds in de Romeinse periode en de afmetingen zijn 4,15 meter breed en 5,50 meter hoog. In 1759 werd zij vergroot om koetsen door te laten en werden er ook versieringen aangebracht met het beeld van Santiago Matamoros en met het wapenschild van bisschop Izquierdo. Het was tot in 1589 een poort voor het exclusieve gebruik door de kanunniken wanneer zij naar hun tuinen gingen. In tijden van pest was het de poort die open bleef en daarom kreeg zij een ophaalbrug.
  • Porta Miña: deze poort is zeker van Romeinse oorsprong en het is tevens de poort waaraan de minste veranderingen zijn aangebracht. Zij ligt in het diepst van een dal en zij is 3,65 breed. De poort stond bekend als de Puerta del Carmen maar haar huidige naam heeft zij te danken aan de rivier de Miño. De poort is beschermd door 2 grote torens en heeft een omsloten ruimte bestemd voor een bewaker, deze ruimte is een tijdje als kapel gebruikt.
  • Puerta del Obispo Odoario: de bouw van deze poort was illegaal, maar was ook de oorzaak dat de muur werd uitgeroepen tot Nationaal Monument.  De opening voor de poort werd gemaakt als deel van de bouw van het nieuwe hospitaal van Santa Maria en ze werd gemaakt door de architect van het monument Ramiro Sainz Martínez. De poort is 12 m breed en 9,10 m hoog.
  • Puerta Nova: de Middeleeuwse poort werd gesloopt in 1899 en er werd op deze plaats een meer moderne poort gebouwd met grotere afmetingen. Zij heeft een breedte van 4,60 meter en is 8.00 meter hoog. Er was tevens een plaatsje met zitplaatsen dat later gebruikt werd als accijnskantoor.De huidige constructie is ontworpen door de architect Juan Álvarez de Mendoza en werd ingehuldigd in 1900.
  • Puerta de San Fernando: men is begonnen met de bouw van de poort in 1853 en de bouw was af in het volgende jaar. Zij is eerst in gebruik genomen door koningin Isabel II van Spanje in 1858. Een andere naam voor deze poort is “Puerta del Principe”, de poort van de kroonprins ter ere van de zoon van Isabel II.In 1962 vergrootte men de afmetingen van de poort en ze heeft nu een breedte van 12,5 meter en een hoogte van 7,5 meter hoogte.Zij is de belangrijkste toegang tot de oude stad en het is de enige poort die een gelijktijdige verplaatsing van voertuigen en voetgangers toelaat.
  • Puerta Falsa: in de XVII en de XVIII de eeuw was zij bekend onder de naam “Puerta del Boquete” en zij is een van de originele Romeinse poorten. De afmetingen van deze poort zijn 3,45 meter breedte en 5,65 meter hoogte. In 1798 was er een verbouwing van de poort, er werd toen een boog aangebracht.
  • Puerta da Estación: de komst van de spoorweg naar de stad en de ligging van het station dwong tot de aanleg en de opening van deze poort in 1875. Een jaar later vergrootte men de poort men de twee torens en de zijkanten. In 1921 werd dit gesloopt en bouwde men de huidige poort. Zij heeft een breedte van 10 meter en een hoogte van 8 meter.
  • Puerta de San Pedro: deze poort ligt op deze plaats sinds de Romeinse tijd en werd in de Middeleeuwen “Puerta de Sancti Petri” maar ook “Puerta Toledana” en zij gaf toegang tot de weg naar Santiago.  Zij heeft een breedte van 3,7 meter en een hoogte van 4,85 meter. Zij is geflankeerd door twee grote torens. Aan de buitenzijde draagt zij het wapenschild van de stad en de datum van de verbouwing in 1781.
  • Puerta del Obispo Izquierdo: de poort staat ook bekend als de Poort van de Gevangenis en deze poort werd geopend om de toegang te vergemakkelijken tot deze gevangenis. Zij was de derde nieuwe poort die geopend werd in de XIX de eeuw. Zij is gebouwd in 1888 en zij kreeg haar naam ter ere van bisschop Izquierdo die beschouwd werd als een van de grote weldoeners van de stad.De poort heeft een breedte van 4,32 meter en een hoogte van 7,15 meter. De architect was Nemesio Cobreros Cuevillas.
  • Puerta del Obispo Aguirre: deze poort werd geopend in 1894 om de toegang tot het Seminarie te vergemakkelijken dat gebouwd werd in de nabijheid van de stad in 1885 in opdracht van bisschop Aguirre maar ook om de toegang te vergemakkelijken tot de begraafplaats. Zij heeft een breedte van 10 meter en een hoogte van 8,15 meter. Zoals het seminarie is deze poort het werk van de architect Nemesio Cobreros Cuevillas. Voor de constructie van deze poort werden er twee torens van de muur gesloopt welke Romeinse grafstenen bevatten.

9. De trappen

De toegang tot de omwalling werd mogelijk gemaakt door middel van trappen die aan de muren van de torens lagen. Deze trappen waren dubbel en er zijn sporen gevonden van 16 van deze constructies.

In 1962 vond men de eerste sporen van het bestaan van deze trappen van de omwalling welke tot op dat moment helemaal bedekt waren met afval en aarde. Met de uitvoering van het plan voor herstelling werden zij hersteld.

Men schat dat elke toren een trap had. De trappen reikten niet tot op de hoogte van de vloer, om het eerste verdiep te bereiken maakte men gebruik van verplaatsbare trappen. Dit liet toe om in geval van noodzaak een deel van de muur te isoleren.

Momenteel krijgt men toegang tot de muur door middel van vier trappen en door een oprit naar de muur die gemaakt werd in het begin van de XVIII de eeuw.

10. Defensieve structuur

De defensieve structuur is gevormd door een slotgracht, door de muur zelf en door een open ruimte tussen de muur en de gebouwen in de stad.

De slotgracht ligt op ongeveer 5 meter en heeft een breedte van 20 meter en een diepte van 4 meter. Momenteel zijn er van de oorspronkelijke gracht nog enkele restanten overgebleven en de gracht kan beschreven worden sinds 1987 na archeologische opgravingen.

De open ruimte is een ruimte tussen de muur en de gebouwen in de stad. Deze ruimte loopt langs de ganse lengte van de muur. In de loop der jaren werd de ruimte ingenomen door gebouwen.

11. Geschiedenis

De bouw van de muur in Lugo kan na onderzoek van de gebruikte bouwmaterialen en na archeologische vondsten gesitueerd worden in het tweede deel van de III de eeuw.

De Romeinen bouwden deze muur als bescherming tegen de barbaren. Men denkt dat de muur af was op het einde van de III de of in het eerste deel van de IV de eeuw.

De situering van de stad was strategisch goed gekozen. De stad werd bovenop een kleine heuvel gebouwd en kreeg ook bescherming aan een zijde door de rivier Miño en aan de andere kanten door de riviertjes de Rato, Paraday en de Chanca. De muur beschermde de stad ook tegen de koude noordenwind.

In die tijd ontvolkten andere steden in de omgeving maar Lugo groeide en bloeide.

Onder de heerschappij van de Sueven en de Visigothen ontvolkte de stad. Alfonso I probeerde deze ontvolking te stoppen maar het was eerst na zijn overwinning op de Moren dat hij deze trend kon omkeren.

In de Middeleeuwen vormde zich een nieuwe stedelijke kern rondom de plaza Mayor. 

In de XVI de eeuw begon men met het bouwen van woningen op de leemten tussen de torens maar dan aan de buitenzijde van de muur.

In 1837 begon men aan de bouw van wat men noemde de “Reducto Cristina” en vanaf 1853 tot 1921 opende men vijf nieuwe poorten in de muur, dat zijn:

  • in 1863 de puerta del Príncipe Alfonso
  • in 1875 de puerta de la Estación
  • in 1888 de puerta del Obispo Izquierdo
  • in 1894 de puerta del Obispo Aguirre
  • in 1921 de puerta del Obispo Odoario

Op 16 april 1921 werd de Romeinse muur in Lugo tot Nationaal monument verklaard.

In 1971 begon men de actie “Operatie propere muur” welke er voor moet zorgen dat de muur ontdaan wordt van alle gebouwen de geplaatst zijn in de loop der tijden aan zijn buitenmuur.

12. Het bolwerk van Cristina

In 1837 bouwde men een defensief bolwerk voor de artillerie tussen de Poort van bisschop Aguirre en de toren van A Mosqueira. Het heeft een driehoekige vorm en er zijn schietgaten ingemaakt.

De reden voor de bouw van het bolwerk waren de Carlistische oorlogen en door het nieuwe bolwerk verenigde men twee afzonderlijke stukken welke verbonden werden met Middeleeuwse gebouwen om er een vesting van te maken.

In 1990 ontdekte men een originele blok waarvan men denkt dat hij deel uitmaakte van de poort, de Puerta Castelli.

Dit gebouw kreeg zijn naam van María Cristina ter ere van koningin Maria Cristina de Borbón, moeder van Isabel II.

13. Website: Dienst Toerisme van Lugo, de site is beschikbaar in het Galego, Spaans en het Engels.