Toerisme in Spanje, ja natuurlijk!

Het Nationaal Museum van de Beeldhouwkunst


  1. Algemeen
  2. Geschiedenis
  3. Hervorming en heropening
  4. Nationaal Museum van Artistieke Reproducties
  5. Locaties
  6. De collectie
  7. De website

1. Algemeen

Het Nationaal Museum van de Beeldhouwkunst is een onderdeel van het Spaans ministerie van Cultuur en het bevindt zich in de stad Valladolid (Castilla y León).

We vinden hier beeldhouwwerken vanuit de Middeleeuwen tot in het begin van de negentiende eeuw maar er zijn hier ook een aantal schilderijen van een uitzonderlijke kwaliteit aanwezig en dat zijn werken van onder andere Rubens, Zurbarán en Meléndez. De collectie beeldhouwwerken is de belangrijkste collectie op het schiereiland en een van de belangrijkste musea in gans Europa.

Sinds 1933 was de naam van het museum Museo Nacional de Escultura maar in juli 2008 besliste men om de naam te wijzigen in Nacional Colegio de San Gregorio. De naamswijziging was ingegeven door het feit dat men zoals bij andere musea een modernere naam wilde voor het museum. Maar in november 2011 voerde men de oude naam weer in en daarenboven kwam een deel van de collectie van het gesloten Museo Nacional de Reproducciones Artísticas, naar het museum.

Vanaf 29 februari 2012 kwam een belangrijk werk uit deze collectie naar het Casa del Sol, een van de vestigingsplaatsen van het Nationaal Museum van de Beeldhouwkunst.

Op 18 september 2009, na een grote renovatie van de belangrijkste vestigingsplaats van het museum, een meesterwerk van de architectuur uit de vijftiende eeuw, opende het museum terug zijn deuren.

2. Geschiedenis

Het Nationaal Museum van de Beeldhouwkunst is een van de oudste musea in Spanje en het werd in 1842 gesticht als het Provinciaal Museum van de Mooie Kunsten. De collectie bestond uit kunst die voordien toebehoorde aan de kloosters en abdijen die de overheid in 1836 in beslag had genomen. De werken werden tentoongesteld in het Colegio de Santa Cruz in Valladolid, zijn eerste vestigingsplaats.

Door de kwaliteit van de tentoongestelde werken en dan vooral door de rijkheid van het houtsnijwerk kreeg het provinciaal museum in 1933 de benaming Nationaal Museum van de Beeldhouwkunst. Dit gebeurde tijdens de IIde Republiek en dan vooral onder de druk van de historicus en beeldhouwer Ricardo de Orueta, Directeur Generaal voor de Schone KunstenOp dat moment kreeg de collectie een nieuwe vestigingsplaats, het Colegio de San Gregorio.

In de loop der jaren werd de collectie van het museum uitgebreid door middel van donaties en legaten van particulieren maar ook door aankopen door de staat van beeldhouwwerken en schilderijen.

Sinds 1990 werd er een grondige restauratie uitgevoerd waaronder die van het Palacio de Villena dat werd aangekocht in 1986. In 1998 begon men met de restauratie van het paleis en die werd snel uitgevoerd. De architecten Enrique Nieto en Fuensanta Sobejano waren verantwoordelijk voor deze werken en zij ontvingen in 2007 de Nationale Prijs voor restauratie en conservering van culturele goederen (Premio Nacional de Restauración de y Conservación de Bienes Culturales) voor hun werk.

Door de unieke waarde van dit gebouw en zijn historische betekenis is een groot deel van de collectie in dit gebouw. In juli 2008 veranderde men de naam van het museum in Museo Nacional Colegio de San Gregorio. Maar op het einde van 2011 veranderde men de naam terug naar Nationaal Museum van de Beeldhouwkunst.

3. Hervorming en heropening

Op 18 september 2009 heropende het museum zijn deuren voor het publiek. In het gerestaureerde gebouw is sindsdien de permanente tentoonstelling gevestigd en dit gebouw valt op als een architectonisch meesterwerk uit het einde van de vijftiende eeuw.

Het algemene herstel van deze oude vestigingsplaats, de uitbreiding van zijn ruimtes, de nieuwe voorstelling van de collectie, de modernisering van zijn faciliteiten en de tentoonstelling van de stukken voldoet nu aan de moderne vereisten van een museum en dat is een nieuwe etappe in zijn geschiedenis.

Het Paleis van Villena werd aangewezen als expositieruimte voor tijdelijke tentoonstellingen.

Maar daarnaast is er ruimte voor een deel van de administratie en van een Napolitaanse kerststal, is er een gerenoveerde zaal voor conferenties, een eigen bibliotheek en de werkhuizen voor restauratie.

In november 2011 kreeg het museum zijn originele benaming van Museo Nacional de Escultura terug en kwam de verzameling van het gesloten Nationaal Museum van Artistieke Reproducties (Museo Nacional de Reproducciones Artísticas) naar het museum.

Vanaf 29 februari 2012 kan men op een permanente basis een deel de verzameling van het Nationaal Museum van Artistieke Reproducties bekijken.

4. Nationaal Museum van Artistieke Reproducties – Museo Nacional de Reproducciones Artísticas

Dit museum werd door een koninklijk besluit van 31 januari 1877 opgericht. Maar in 1961 verhuisde dit museum dat tot dan toe in het Casón del Buen Retiro gevestigd was naar het Amerikamuseum waar het publiek geen toegang meer had tot zijn collectie.

Het Amerikamuseum was niet de definitieve bestemming van het museum maar de collectie verhuisde naar de kelders van het Spaans Museum voor Hedendaagse Kunst. Twintig jaar bleef de collectie daar wachten op een nieuwe vestigingsplaats maar het museum werd uiteindelijk in november 2011 afgeschaft en de collectie werd overgedragen aan het Nationaal Museum voor Beeldhouwkunst.

De collectie bestaat uit kopieën van werken van belangrijke Europese meesters, meestal beeldhouwers en zij werden gemaakt door mallen te maken van het originele werk. De gekopieerde werken gaan van de Egyptische periode tot aan de klassieke Grieks-Romeinse periode en van de Middeleeuwen over de renaissance en barokstijl tot aan de twintigste eeuw.

5. Locaties

Colegio de San Gregorio

Dit prachtige gebouw werd op initiatief van Alonso de Burgos, bisschop van Palencia en biechtvader van de Katholieke Koningen, op het einde van de vijftiende gebouwd. In 1487 verkreeg de prior van het klooster van San Pablo de kapel van Christus en van de tuinen tegenover het centrale gebouw van het Nationaal Museum van de Beeldhouwkunst.



Het college werd tussen 1488 tot 1496 gebouwd rond een binnenplaats met twee verdiepingen die verbonden zijn door een mooie trap. Beide hebben mooie decoratieve elementen uit de laat gotische periode. De eerste verdieping van het klooster heeft bogen met een halve punt op spiraalvormige kolommen en op de tweede verdieping zijn er grote ramen met bewerkte stenen vensterbanken. Rond de binnenplaats waren de cellen, de kapel en de eetzaal.

De gevel bevat complexe figuratieve elementen over het onderwijs en de voordelen ervan. Men denkt dat zij het werk zijn van Gil de Siloé en ze zijn gemaakt in de Isabellastijl die ook kenmerken van de renaissancestijl bevat. Het wapenschild van de Katholieke Koningen staat ook op de voorgevel. Het verschil tussen dit wapenschild en dat op de binnenplaats is de periode wanneer zij gemaakt zijn, het ene is gemaakt voor de val van Granada en het andere is na de val van Granada gemaakt.

De kapel bevindt zich aan de zuidelijke kant van de binnenplaats en zij werd gebouwd door Juan Guas. Zij is gebouwd in laat gotische stijl met Spaans-Vlaams invloeden. De rijkdom van deze kapel was opmerkelijk omdat het retabel, dat gebouwd is in 1489, van een zeer grote kwaliteit is evenals de graftombe van Fray Alonso de Burgos in het midden van de kapel en dat is een werk van Felipe Vigarny. Beide werken verdwenen echter tijdens de Onafhankelijkheidsoorlog.

Het gebouw deed tot in de negentiende eeuw dienst als college. In het begin van 1933 werd het gebouw na een beslissing van de regering van de tweede republiek de oorspronkelijke vestigingsplaats van het museum en na een opknapbeurt is er Museum van de Beeldhouwkunst gevestigd.

Paleis van Villena

Het werd gebouwd tijdens de zestiende eeuw volgens het ontwerp van Francisco de Salamanca (de architect die de Plaza Mayor van Valladolid hervormde). Er is een binnenplaats uit de zestiende eeuw met twee verdiepingen, bogen op ionische kolommen en met medaillons in de zwikken.

Het gebouw bleef in de familie door opeenvolgende erfenissen. De gevel heeft een horizontaal ontwerp met torens in de uiteinden. Die torens zijn afkomstig van een verbouwing op het einde van de negentiende eeuw. Boven de renaissance inkom met een halve boog zien we een raam met het wapen van de eigenaar. Vandaag zijn hier de conferentiezalen, het restauratie werkhuis, het magazijn en de Napolitaanse wieg.

Paleis van de Graaf van Gondomar of het Casa del Sol (Zonnehuis)

Het Paleis van de Graaf van Gondomar, beter bekend als het Zonnehuis (Casa del Sol) werd in 1540 gebouwd door Díaz de Leguizamón. De voorgevel is opgetrokken in zandsteen. Er zijn twee verdiepingen,met grote nissen die beschermd zijn door een goed traliewerk.

We zien hier de inkom met een halve boog en geflankeerd door twee paar Korinthische zuilen. Daarboven is er een balkon dat in 1600 toegevoegd is en waarop het wapenschild van de Graaf van Gondomar en een zon staat. De versiering van het gebouw is uitgevoerd in een platereske stijl.

Het gebouw werd in 1599, samen met het het patronaat van de grote kapel van de kerk van San Benito el Viejo, verworven door Diego de Sarmiento de Acuña (1567-1626), Graaf van Gondomar.

De graaf vergrootte het paleis om er zijn rijk voorziene bibliotheek in onder te brengen. De boekenkasten bezetten de muren van vier grote kamers van de vloer tot het plafond. De boeken werden in 1806 door de erfgenamen van de graaf verkocht aan koning Carlos IV.

Momenteel bevindt de collectie zich in de Nationale Bibliotheek van Spanje.

In 1912 werd het gebouw, samen met zijn kapel gekocht door de Zusters Oblaten die er verbleven tor 1980 toen zij het op het beurt verkochten aan de Paters van De Orde van Onze Lieve Vrouwe van Weldadigheid. Het gebouw werd in 1999 door de staat overgenomen.

Kerk van San Benito el Viejo, de kapel van het Zonnehuis

De eerste beschrijving dateert uit 1276 en het gebouw was in gebruik als een kapel, in 1375 werd het een parochiekerk.

In de zestiende eeuw werd de kerk gekoppeld aan het Zonnehuis en dat gebeurde door middel van relaties als eigenaar en patronaat van de kerk door Sancho Díaz de Leguizamón en zijn echtgenote doña Mencía de Esquivelque.

Het wapenschild aan de buitenzijde van de grote kapel is een werk van Juan de Celaya en Martín de Uriarte en het werd in 1601 gemaakt in opdracht van Diego Sarmiento de Acuña, graaf van Gondomar, De graaf gaf ook opdracht voor de reconstructie van de kerk en voor de bouw van zijn graftombe in de grote kapel.

De kerk bleef tot in 1812 in functie als parochiekerk en toen werd zij hervormd tot een opslagruimte. Een deel van de kunstwerken uit de kerk werden overgebracht naar de kerk van San Martín in deze stad, een ander deel van de kunstwerken verdween. In 1921 werd de kerk San Benito el Viejo terug een kapel voor de Zusters Oblaten. Vervolgens werd de kerk terug hervormd en in 1999 werd zij eigendom van de staat. In 2012 werd het gebouw terug geopend na een grondige restauratie.

Vanaf februari 2012 is hier een tentoonstelling van de stukken uit het oude Nationaal Museum voor Artistieke Reproducties.

6. De collectie

Het Nationaal Museum van de Beeldhouwkunst stelt een groot aantal Spaanse en Europese beeldhouwwerken uit de periode tussen de dertiende en de negentiende eeuw tentoon.

Daarnaast zijn er ook een aantal schilderijen in de collectie. De schilderijen zijn werken van Bononi, Rubens, Zurbarán, Ribalta en Meléndez maar de meerderheid van de collectie bestaat uit beeldhouwwerken uit de vijftiende tot de zeventiende eeuw.

Middeleeuwse werken

In zaal 2 van het museum stelt men werken tentoon uit de dertiende en de veertiende eeuw die als puur middeleeuws kunnen beschouwd worden. De meerderheid van de werken zijn van een onbekende meester zoals het de gewoonte was in deze periode.

De vijftiende eeuw

Deze collectie bevat een reeks werken uit de overgang naar de renaissance en de meerderheid van de werken komt uit de vijftiende eeuw.  Het zijn werken van onder meer Jorge Inglés, Rodrigo Alemán en Alejo de Vahía.

Uit de vijftiende eeuw zijn er ook werken uit de Vlaamse en de Spaans-Vlaamse school zoals het Retabel van de Maagd dat vroeger in het Klooster van San Franciso in Valladolid stond en het Retabel van San Jerónimo, een werk van Jorge Inglés.

Renaissance

Tijdens de eerste jaren van de zestiende eeuw waren er binnen de renaissance stijlen zoals de klassieke Italiaanse, de Vlaamse stijl en het maniërisme van Alonso Berruguete aanwezig. In de collectie van die periode vinden we een Retabel van Rodrigo de Holanda, de Sagrada Familia van Diego de Siloé en de Moeder en Kind van Felipe Vigarny.

De twee maniëristische meesters uit de zestiende eeuw, Alonso Berruguete en Juan de Juni zijn vertegenwoordigd met delen van een altaarstuk van de kerk van San Benito en Christus aan het Kruis naast een prachtige Graflegging. Daarnaast zijn er werken te zien van leerlingen van de voorgaande meesters zoals Francisco Giralte, Leonardo de Carrión en Diego Rodríguez.

Barrok

In de afdeling die aan de barrok gewijd is vinden we werken van Gregorio Fernández, de exponent van de Castiliaanse barok en zo kunnen we hier zijn werken Paso de la Sexta Angustia, Santa Teresa, El bautismo de Cristo en een prachtige liggende Christus zien.

Verder zijn er nog werken van Alonso Cano, Juan Martínez Montañés, Pedro de Mena en Jose de Mora. Hier vinden we ook nog een werken van twee beroemde schilders zoals een verrassend moderne Santa Faz van Francisco de Zurbarán en een schilderij van Peter Paul Rubens, Democritus en Heraclitus.

De late barok uit de achttiende eeuw is hier vertegenwoordigd door Juan Alonso de Villabrille y Ron, Francisco Salzillo, Pedro de Sierra en Luis Salvador Carmona.

7. De website: Het Nationaal Museum van de Beeldhouwkunst, de site is beschikbaar aan in het Spaans, Engels, Catalaans, Gallego en het Baskisch.